Ananas is een grote oranje-gele
vleestomaat met weinig sap en bijna geen pitjes. Als je een plak van deze tomaat ziet, snap je gelijk waar zijn naam vandaan komt. Het lijkt inderdaad erg veel op een verse plak van het vruchtvlees van de Ananas! Deze smaakbom is heerlijk in salades maar ook een plak op een hamburger of boterham (met kaas) is erg lekker! De vruchten wegen 200-400 gram dus zorg ervoor dat je de planten goed ondersteund.
Zaai tomaten voor in februari-maart. Dat kun je het beste doen in de
Pluggbox, een kweekbak of verwarmde kas. Zorg dat de bodemtemperatuur zo'n 20°C is. Als de eerste blaadjes verschijnen, plant je ze uit in aparte potjes. In mei kun je de jonge planten uitplanten in de volle grond, grote potten of in bakken. Zet ze op een zonnige plaats, ongeveer 80 cm uit elkaar.
Bind tijdens de groei de 'hoofdstam' van de plant steeds om de 20-30 cm aan een lange stevige stok van zo'n 250 cm of langs gaas met grote mazen. Let er op dat je niet te strak bindt want de hoofdstam wordt steeds dikker en je wilt niet dat de sapstroom wordt afgekneld! Als er drie á vier bloemtrossen aan de plant zitten, haal je de top uit de plant zodat alle 'kracht' naar de vruchten gaat. De zijscheuten die uit de bladoksels komen, haal je meteen weg want deze 'diefjes' stelen voeding van de tomaten. (Dit hoef je bij struik- en dwergtomaten niet te doen.)
Geef de planten regelmatig water maar zorg dat je geen water over het blad giet. Kweek je in een kas? Dan kun je de planten ook langs draad laten groeien. Zorg er voor dat je goed ventileert zodat de luchtvochtigheid niet te hoog wordt. Zo voorkom je schimmels en ziektes.
Tot slot nog één tip: Haal het blad dat over de tomaten hangt weg zodat de zon goed op de vruchten kan schijnen. Dan rijpen ze beter en zijn ze veel lekkerder.